8
okt
2014
1

Vet belangrijk

Over vet bestaan vele misverstanden. Werd vet de afgelopen decennia in zijn geheel gedemoniseerd, de laatste jaren wordt dat al weer wat genuanceerd, namelijk: verzadigd vet is slecht. Eet dus met mate vooral onverzadigde vetten is het advies van het voedingscentrum en iedereen die klakkeloos hun informatie overneemt. Met inbegrip van artsen en diëtisten.

Nu heb ik over vet ook wel een mening natuurlijk. Je voelde ‘m al aankomen. Gelukkig zijn er met mij steeds meer mensen die zelf nadenken en kritisch kunnen kijken naar deze slecht gefundeerde adviezen, die vaak voortkomen uit commercieel belang en bovendien alle wetten van de logica in de wind slaan.

Neem het meest stuitende advies: magere melkproducten zijn gezonder dan volle. Echt? Jij denkt dat een natuurproduct, een product van miljoenen jaren evolutie, eerst moet worden aangepast door de mens om het écht gezond te maken? (Over de vraag of melk überhaupt gezond is bestaat discussie, maar in die discussie wordt nog wel eens over het hoofd gezien dat ook volle melk tegenwoordig geen natuurproduct meer is – gepasteuriseerd, gehomogeniseerd en van graan-etende koeien. Het blijft een interessante discussie, maar voor wie het goed verteert kan onbewerkte melk wel degelijk een superfood zijn: meer lees je hier). Of het advies om kunstmatig geharde, chemisch bewerkte, geraffineerde plantaardige oliën te consumeren en vooral echte boter te laten staan. Wut?!?

Vóór de intrede van allerlei welvaartsziekten at iedereen. Gewoon. Roomboter. Sinds de industriële revolutie en daarmee de introductie van margarine, bewerkte voeding en fabrieksvoeding gaat onze gezondheid hard achteruit. En wat is de conclusie van de ‘experts’? Dat komt door die verzadigde vetten. Het komt door de roomboter. Eet vooral méér industrieel bewerkte oliën. Low-fat nepproducten uit een fabriek (met toegevoegde suiker, dat dan weer wel). Eet magere kipfilet, maar laat het vel liggen! Snijd het vetrandje van je vlees. En nu de vraag… Denk je dat onze voorouders dat deden? Stel je voor dat je net de hele dag, of misschien wel week, in touw bent geweest voor die ene koe. Of prehistorische koe. Iets met vier poten. Eindelijk volop calorieën op je bamboebord! En dat je dan zegt: gooi dat vetrandje maar weg? Nee, natuurlijk niet. En nu kun je argumenteren dat de beste kerel in afwezigheid van een autoriteit als het voedingscentrum vast geen benul had van wat goed voor hem was – al had hij dat natuurlijk instinctief wel, een vermogen dat wij inmiddels zijn kwijtgeraakt in de wereld van immer volop beschikbaar fabrieksvoedsel vol smaakmakers – maar de truc is: wat hij at, dáárop is ons systeem geëvolueerd. En natuurlijk at hij het vetrandje. Hij at het vetrandje, de organen, het merg, noem maar op. Juist dat, want dat leverde hem de meest geconcentreerde energie. En daarop heeft ons lichaam zich door miljoenen jaren geniale evolutie perfect aangepast. Logisch? Voor mij wel.

ei

 

 

 

 

 

In de jaren ’30 van de vorige eeuw deed tandarts Weston Price onderzoek naar geïsoleerde inheemse volken die nog pure, traditionele voeding aten. Wat hij vond waren enorme verschillen in de traditionele voeding bij volkeren over de hele wereld. Sommigen aten wel 80% plantaardig, anderen maar 10%. Maar er was één gemene deler: allemaal hechtten ze bijzonder belang aan dierlijke vetten. Niet de eiwitten, nee: de vetten. Daarin ligt de meest geconcentreerde voedingswaarde: niet alleen in calorieën, maar ook in vitamines. Vitamine A en D bijvoorbeeld. Vetoplosbare vitamines die je alleen in dierlijke producten vindt, en dus niet uit planten kunt halen. Tegenwoordig heeft ongeveer 50% van de westerse bevolking een vitamine D-tekort. Toeval?

Vet, en vooral verzadigd vet, is niet de oorzaak van hart- en vaatziekten. Nee? Nee. Steeds meer onderzoek wijst erop dat niet vetten, maar ontstekingsbevorderende voeding zoals suiker, snelle koolhydraten, transvetten en een verstoorde verhouding omega 3 – omega 6 de oorzaak zijn van hart- en vaatziekten. Ontstekingen in de vaatwand op celniveau maken dat het lichaam er cholesterol op afstuurt om de schade te beperken en te verzachten. De onderzoeken die aangeven dat een hoog cholesterolgehalte samenhangt met het risico op hart- en vaatziekten zijn er genoeg, en dat klopt dus ook. Waar je de brandweer tegenkomt, is er vaak brand. Maar de conclusie trekken dat de brandweer daarom de oorzaak is van de brand, is niet erg logisch of wetenschappelijk. Dan zijn er ook onderzoeken die inderdaad lijken te bevestigen dat consumptie van verzadigd vet of dierlijk vet het risico op hart- en vaatziekten verhoogt. Maar aan deze onderzoeken scheelt het één en ander: zo wordt er bijvoorbeeld geen onderscheid gemaakt tussen verzadigde vetten en transvetten. En wordt er in de onderzoeken vrijwel alleen vlees en vet van binnen levende, graan etende, zieke dieren gegeten (dat significant meer omega 6 bevat in verhouding tot omega 3 dan grasgevoerd vlees, en dus ontstekingsbevorderend is).

Er zijn wél onderzoeken die uitwijzen dat mensen die vet eten, en vooral (natuurlijk) verzadigd vet, makkelijker afvallen dan mensen op een low-fat-dieet. Dat de bloedsuikerspiegel constanter is, en het risico op diabetes lager. Vet levert dus duurzame energie voor het lichaam. Maar vetten zijn vooral van groot belang voor de opbouw van onze cellen en de goede werking van onze vertering, ons zenuwstelsel, ons hormoonstelsel. Verzadigde vetten zijn een essentieel onderdeel van gezonde en stevige celwanden overal in het lichaam. Zeker voor opgroeiende kinderen is vet dus onontbeerlijk. Om eiwitten goed te verteren en te kunnen gebruiken in het lichaam is vet nodig: het voorbeeld dat ik eerder gaf over het eten van kipfilet zonder vel is dus ronduit onverstandig. Kip met vel is een goed (en lekker) idee, net als een klont kruidenboter op je biefstuk. Of nee, een klont kruidenboter op alles is een goed idee. Of overdrijf ik nu? Die klont boter die je oma over de groenten deed is in ieder geval een goed idee: niet alleen de assimilatie van eiwitten, ook de opname van mineralen uit groenten verloopt beter met een beetje vet. Vet belangrijk, dus.

marrow

 

 

 

 

 

Ik zeg nu niet dat je á la minute naar de plaatselijke snackbar moet rennen. Er zit wel degelijk veel verschil in gezondheidswaarde tussen verschillende soorten vetten. Daarover meer in de volgende post. En ‘t is ook niet dat ik je aanraad om klakkeloos entrecotes met vetrandjes naar binnen te werken: niet alleen uit ethisch oogpunt maar ook uit gezondheidsoogpunt is het goed om behalve de bekende stukken, ook de minder gewilde delen van het dier eens te proberen. Zoals die jager uit het voorbeeld deed. En natuurlijk kies je net als hij voor een dier dat min of meer zijn natuurlijke leefwijze mocht handhaven. Dat buiten liep. Dat gras at, in plaats van graan. Dat komt de gezondheid van het dier en ook jouw gezondheid ten goede.

Mijn advies: kies voor natuurlijk. Laat de margarine staan en smeer naar hartenlust met roomboter. Gooi een eidooier door je smoothie en kijk niet op een vetrandje meer of minder. En voor de durfal: doe als je overgrootmoeder en rooster eens een mergpijp in de oven.

 

Meer lezen?

Mercola – 7 Reasons to Eat More Saturated Fat
NY Times – Diet and Fat: A Severe Case of Mistaken Consensus
Weston A. Price Foundation – The Skinny on Fats

You may also like

Met een gezonde huid de zomer door? Zo!
Waarom borstvoeding niet genoeg is

1 Response

  1. Uit mijn hart gegrepen !!!!!
    Ik zie nog de gezichten van mijn schoonfamilie, walgend wanneer ik mijn vinger door de boterpot haalde of mijn brood plamuurde met boter.
    En nog steeds eten wij veel ‘mooie’ roomboter van grasgevoerde koetjes, wat een genot.

Reageer op dit artikel